ECLI:NL:CBB:2006:AZ3701
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen intrekking varkensrechten op grond van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit tot intrekking van eerder toegekende varkensrechten op grond van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv). De kern van het geschil betreft de vraag of sprake is van een omschakeling van niet-fokzeugen naar fokzeugen, zoals vereist in artikel 16 Bhv Pro.
Het College stelt vast dat de milieuvergunning van 4 november 1997 weliswaar een uitbreiding van het aantal fokzeugen mogelijk maakt, maar niet gepaard gaat met een vermindering van andere varkens, hetgeen een vereiste is volgens artikel 16 Bhv Pro. Verder is gebleken dat de eerdere toekenning van varkensrechten op grond van hardheidscategorie 5 onterecht was, maar dat de intrekking daarvan zorgvuldig en met inachtneming van het rechtszekerheidsbeginsel is gemotiveerd.
Hoewel appellanten zich beroepen op het rechtszekerheidsbeginsel en wijzen op slordigheden van de verweerder, oordeelt het College dat de minister bevoegd en zelfs verplicht was de onjuiste toekenning ongedaan te maken. De overgangstermijn van zes weken na de beslissing op bezwaar wordt als redelijk beschouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de varkensrechten wordt ongegrond verklaard en de intrekking blijft van kracht.