ECLI:NL:CBB:2006:AZ5811
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt weigering energie-investeringsaftrek voor warmtepomp wegens onvoldoende c.o.p.-waarde
Bergland B.V. heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Economische Zaken om geen energieverklaring af te geven voor een warmtepompinstallatie, omdat deze niet voldoet aan de in de Energielijst 2003 gestelde eis dat de c.o.p.-waarde minimaal 3,5 moet zijn.
De Minister baseerde zijn besluit op technische tabellen van Hitachi waarin de c.o.p.-waarde van de warmtepomp op 3,14 werd vastgesteld bij vollast. Bergland B.V. stelde dat de berekening van de c.o.p.-waarde rekening moest houden met deellast, wat een hogere waarde zou opleveren, en overhandigde daarvoor interne grafieken van Hitachi. Deze grafieken bleken echter conceptversies die niet voor publicatie bestemd zijn en door Hitachi als niet-bestaand voor derden worden beschouwd.
Het College oordeelt dat Bergland B.V. niet aannemelijk heeft gemaakt dat de warmtepomp voldoet aan de vereiste c.o.p.-waarde. De door Bergland gebruikte grafieken zijn onbetrouwbaar en niet geschikt voor de beoordeling. De Minister heeft terecht geweigerd de energieverklaring af te geven. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt de strikte toepassing van de technische eisen voor energie-investeringsaftrek en benadrukt het belang van betrouwbare en officiële technische gegevens.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de energieverklaring voor de warmtepomp wordt bevestigd.