ECLI:NL:CBB:2007:BA7166
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op akkerbouwsubsidie wegens niet voldoen aan definitie akkerland
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw waarin haar bezwaar tegen de afwijzing van een akkerbouwsubsidie voor het jaar 2005 werd verworpen. Het geschil betreft perceel 4, dat door appellante als akkerland werd opgegeven, maar door verweerder als blijvend grasland werd aangemerkt, waardoor het niet subsidiabel is.
Verweerder stelde dat perceel 4 in de referentieperiode van 1998 tot 2003 steeds als blijvend grasland was opgegeven en niet was gebruikt voor akkerbouwgewassen, wat de definitie van akkerland uitsluit. Appellante voerde aan dat het perceel in 2000 braak had gelegen vanwege kavelwerkzaamheden en als kunstweide kon worden aangemerkt, maar kon dit niet met perceelsgebonden bewijs onderbouwen.
Het College oordeelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het perceel in 2000 niet als blijvend grasland werd gebruikt. Ook was de internetkaart waarop verweerder zich baseerde slechts een hulpmiddel en niet altijd betrouwbaar, maar verweerder kon redelijkerwijs niet vaststellen dat sprake was van een kennelijke fout. Satellietbeelden uit 1999 en 2000 waren wel geraadpleegd, maar niet gebruikt bij de besluitvorming. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de afwijzing van haar akkerbouwsubsidieaanvraag wordt ongegrond verklaard.