ECLI:NL:CBB:2007:BB3719
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. van der Ham
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep tegen tuchtbeslissing over opdrachtverlening en gedragsregels AA
Appellante stelde dat er geen overeenkomst tot het verrichten van werkzaamheden was gesloten met betrokkene, een Accountants-Administratieconsulent, omdat geen schriftelijke opdrachtbevestiging was opgesteld zoals vereist in de algemene leveringsvoorwaarden. Het College oordeelde echter dat het e-mailbericht van 14 januari 2005 van appellante als een geldige opdracht tot werkzaamheden moet worden beschouwd.
Het College stelde vast dat de raad van tucht terecht had geoordeeld dat de inhoud van het e-mailbericht een duidelijke opdracht inhield, ondanks het ontbreken van een ondertekende schriftelijke bevestiging. Ook het feit dat betrokkene tijdens de zitting erkende fout te hebben gehandeld, bood onvoldoende grond om te concluderen dat hij tuchtrechtelijk verwijtbaar had gehandeld.
Het beroep werd daarom verworpen. De beslissing is gebaseerd op titel IV van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten en artikel 5 van Pro de Gedrags- en Beroepsregels voor Accountants- en Administratieconsulenten.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de tuchtbeslissing wordt verworpen.