ECLI:NL:CBB:2007:BB4164
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M. Wolters
- M. van Duuren
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep tegen schriftelijke berisping wegens schending onpartijdigheid accountant
In deze zaak heeft appellant, een accountant, beroep ingesteld tegen een beslissing van de raad van tucht waarin hij werd berispt wegens het schenden van artikel 9 van Pro de Gedrags- en Beroepsregels voor Accountants-Administratieconsulenten (GBAA). De klacht was ingediend door een vennoot (klager) die meende dat appellant niet onpartijdig had gehandeld in een geschil over zijn uittreding uit een vennootschap.
De raad van tucht had vastgesteld dat appellant niet tijdig kenbaar had gemaakt dat hij een bijzonder belang vertegenwoordigde, met name bij het eerste gesprek op 7 januari 2004 en in latere brieven namens de medevennoten. Hierdoor had appellant de belangen van de medevennoten behartigd, die tegenstrijdig waren aan die van klager, zonder dit aan klager kenbaar te maken.
Appellant voerde aan dat het moment van het bijzondere belang pas op 29 maart 2004 aanbrak en dat hij als accountant in een oriënterend stadium niet direct kenbaar hoefde te maken dat hij een bijzonder belang had. Ook stelde hij dat hij als adviseur vaak tussen tegenstrijdige belangen staat en dat hij de belangen van de vennootschap diende. Het College verwierp deze verweren en stelde vast dat appellant zijn verplichting tot tijdige kenbaarheid van het bijzondere belang had geschonden.
Het College oordeelde dat de opgelegde maatregel van een schriftelijke berisping passend en geboden was en verwierp het beroep van appellant. De beslissing is gebaseerd op titel IV van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten en artikel 9 GBAA Pro.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt verworpen en de schriftelijke berisping gehandhaafd.