ECLI:NL:CBB:2007:BB4252
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding in varkenshouderijherstructurering
Appellante, een maatschap in de varkenshouderij, ontving op 21 juli 2000 een besluit waarin werd meegedeeld dat zij niet in aanmerking kwam voor extra varkensrechten op grond van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv). Dit omdat zij geen aanvraag voor een milieuvergunning voor uitbreiding had ingediend vóór 10 juli 1997. Het bezwaar tegen dit besluit werd pas op 21 april 2006 ingediend, ruim na de wettelijke termijn.
De Minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, waarna appellante beroep instelde bij het College van Beroep. Appellante voerde aan dat zij het besluit destijds niet had ontvangen en dat zij pas tijdens een strafzitting op 10 april 2006 kennis had genomen van het besluit, waardoor de termijnoverschrijding verschoonbaar zou zijn.
Het College oordeelde dat appellante onvoldoende had aangetoond dat zij niet eerder op de hoogte kon zijn van het besluit. Diverse bedrijfsoverzichten die na het primaire besluit waren verzonden, toonden aan dat de voorwaardelijke varkensrechten waren ingetrokken. Ook uit eerdere correspondentie in 2004 bleek dat appellante op de hoogte was van het niet toekennen van extra rechten. Het College concludeerde dat appellante niet tijdig bezwaar had gemaakt en dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was.
Daarom verklaarde het College het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door mr. M.A. van der Ham op 20 september 2007.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding van het bezwaar.