ECLI:NL:CBB:2008:BC9989
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing toeslagrechten GLB-inkomenssteun wegens niet erkende overmacht
Appellant stelde dat zijn productie in de referentieperiode 2000-2002 nadelig werd beïnvloed door meerdere overmachtsituaties, waaronder MKZ, faillissement en gezondheidsproblemen. Verweerder erkende alleen MKZ als overmacht omdat andere situaties niet tijdig waren gemeld. Het College oordeelde dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de gemelde overmacht, vooral gezien de onlogische productiecijfers in combinatie met het enkel aankruisen van MKZ op het formulier. Verweerder had appellant nader moeten bevragen alvorens het beroep op overmacht af te wijzen.
Het College vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder opnieuw moet beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed. De zaak betreft de toepassing van Verordening (EG) nr. 1782/2003 en de Regeling GLB-inkomenssteun 2006.
De uitspraak benadrukt het zorgvuldigheidsbeginsel en de verplichting van het bestuursorgaan om voldoende feitenonderzoek te doen alvorens een besluit te nemen dat nadelig is voor de burger, in dit geval appellant die zich beroept op overmacht bij toeslagrechten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met de opdracht tot hernieuwde besluitvorming.