ECLI:NL:CBB:2008:BF1758
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Afwijzing registratie diergeneesmiddel Alfamec wegens onvoldoende bio-equivalentie voor rund
Alfasan Nederland B.V. diende een aanvraag in voor registratie van het diergeneesmiddel Alfamec 1% voor varken en rund. De aanvraag betrof een generiek middel met Ivomec 1% als referentieproduct. Het Centraal Instituut voor Dierziekte Controle (CIDC) rapporteerde dat bio-equivalentie was aangetoond voor varken, maar niet voor rund, waarbij de bio-equivalentiegrenzen van 80-125% werden gehanteerd. Alfasan stelde dat vanwege de grote veiligheidsmarge een ruimer betrouwbaarheidsinterval van 70-143% gerechtvaardigd was.
Verweerder schorste de aanvraag wegens ontbrekende gegevens en vroeg om klinische bewijsvoering. Alfasan leverde geen klinische gegevens aan, maar beriep zich op literatuurstudies en een e-mail van een referentiepersoon die een ruimer interval voor ivermectine bij paarden ondersteunde. Verweerder handhaafde het standpunt dat het betrouwbaarheidsinterval van 80-125% geldt en dat de bio-equivalentie voor rund niet was aangetoond.
Het College oordeelde dat verweerder de juiste veterinaire richtlijn toepaste en dat het standpunt over het betrouwbaarheidsinterval niet onredelijk was. Het ontbreken van klinische gegevens die de verruiming van het interval voor Alfamec konden onderbouwen, leidde tot de conclusie dat Alfamec niet voldeed aan de eisen voor werkzaamheid en veiligheid. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Alfasan Nederland B.V. wordt ongegrond verklaard en de registratie van Alfamec 1% voor rund wordt geweigerd wegens onvoldoende bio-equivalentie.