ECLI:NL:CBB:2008:BF1781
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing afwijzing subsidieaanvraag energieproject Europark Coevorden-Emlichheim
Appellante, een samenwerkingsverband van drie besloten vennootschappen, vroeg subsidie aan voor een energieproject in twee fasen: de bouw van een turbine (fase 1) en een (bio)afvalverwerkingseenheid (fase 2). De minister wees de aanvraag af omdat fase 2 onvoldoende concreet was en appellante geen ondernemer in de zin van het Besluit zou zijn.
Het College oordeelt dat de minister de gewijzigde aanvraag van 26 april 2006 ten onrechte als betrekking hebbend op beide fasen heeft opgevat, terwijl deze feitelijk alleen op fase 1 zag. De minister had de aanvraag moeten behandelen als een aanvraag voor fase 1, waarvoor wel voldoende gegevens waren verstrekt.
Verder vindt het College dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de energiecentrale niet als zelfstandig vestigingsproject kan worden aangemerkt, mede omdat technische en functionele samenhang tussen investeringen bepalend is en economische afhankelijkheid niet als criterium geldt.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de minister opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt de minister veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de subsidieaanvraag wordt vernietigd met opdracht aan de minister om opnieuw te beslissen.