ECLI:NL:CBB:2008:BG2147
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen ontheffing zondagsopening supermarkt Amsterdam-Noord
Verzoeksters, bestaande uit winkeliersverenigingen en een supermarkt, maakten bezwaar tegen het besluit van het dagelijks bestuur van Amsterdam-Noord om aan C1000 ontheffing te verlenen voor zondagsopening op acht zondagen in het najaar van 2008. De ontheffing was gebaseerd op artikel 5 van Pro de Verordening Winkeltijden, dat ontheffing toestaat voor bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard zoals feestelijkheden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeksters onder 1 en 5 als belanghebbenden konden worden aangemerkt, maar de verzoeken van de andere verenigingen niet ontvankelijk waren wegens onvoldoende onderbouwing. Inhoudelijk werd geoordeeld dat de verleende ontheffing niet rechtmatig was omdat de aangevoerde feestelijkheden en evenementen niet konden worden aangemerkt als bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard die een uitzondering op het zondagsopeningsverbod rechtvaardigen.
Desondanks werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat C1000 al sinds oktober 2007 vergelijkbare ontheffingen had en verzoeksters pas laat bezwaar maakten. Bovendien ontbrak een onderbouwing van de gestelde schade en moest rekening worden gehouden met het belang van C1000 bij voortzetting van de zondagsopenstelling. De voorzieningenrechter concludeerde dat geen noodzaak bestond om de ontheffing te blokkeren.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ontheffing voor zondagsopening van de C1000-supermarkt wordt afgewezen.