ECLI:NL:CBB:2008:BG9587
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- E.R. Eggeraat
- M.A. van der Ham
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over afwijzing energie-investeringsaftrek voor nieuwe scheepsmotor
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Economische Zaken waarin hun aanvragen voor energie-investeringsaftrek (EIA) voor een nieuwe motor van een binnenvaartschip werden afgewezen. De afwijzing was gebaseerd op het oordeel dat de investering niet voldeed aan de vereiste energiebesparing van minimaal 0,4 Nm³ aardgasequivalent per jaar per geïnvesteerde euro.
De Minister had het historisch energieverbruik van de oude motor berekend op basis van bunkergegevens en draaiuren, en het verbruik van de nieuwe motor geschat aan de hand van testprotocollen van de fabrikant. De praktijkcijfers van het nieuwe motorverbruik werden niet meegenomen vanwege variabelen zoals vaarsnelheid en beladingsgraad die het verbruik beïnvloeden en het ontbreken van een representatieve meetperiode.
Appellanten stelden dat het energieverbruik van de nieuwe motor op basis van praktijkcijfers moest worden vastgesteld en dat daarmee de besparingsnorm werd gehaald. Het College oordeelde echter dat de schatting van de Minister op goede gronden was gebaseerd en dat de praktijkcijfers onvoldoende betrouwbaar waren voor de beoordeling. Bovendien was de procedurele termijn voor melding van de investering kort, waardoor lange termijn praktijkgegevens niet beschikbaar waren.
Het College concludeerde dat de Minister de afwijzing van de EIA-aanvragen terecht heeft gehandhaafd en verklaarde de beroepen ongegrond. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het College verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de afwijzing van de aanvragen voor energie-investeringsaftrek.