ECLI:NL:CBB:2008:BH2605
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- E.R. Eggeraat
- M.A. van der Ham
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing energie-investeringsaftrek voor nieuwe scheepsmotor
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Economische Zaken dat zijn bezwaar tegen de afwijzing van een energie-investeringsaftrek (EIA) aanvraag ongegrond verklaarde. De aanvraag betrof een investering in de hermotorisatie van een binnenvaartschip, waarbij de energiebesparing niet voldeed aan de wettelijke eis van minimaal 0,4 Nm³ aardgasequivalent per geïnvesteerde euro.
Verweerder had de referentie voor het energieverbruik vastgesteld op basis van historische bunkergegevens en draaiuren van de oude motor, en het verbruik van de nieuwe motor geschat op basis van testprotocollen van de fabrikant, waarbij praktijkcijfers van de nieuwe motor niet werden meegenomen vanwege variabelen zoals vaargedrag en watercondities. Appellant stelde dat de werkelijke praktijkcijfers van de nieuwe motor gebruikt hadden moeten worden.
Het College oordeelde dat verweerder terecht was uitgegaan van een schatting op basis van testgegevens en dat de praktijkcijfers onvoldoende betrouwbaar waren vanwege de korte meetperiode en variabele omstandigheden. Ook werd het investeringsbedrag vastgesteld op €133.000,-, waarover de energiebesparing werd berekend. Het beroep werd ongegrond verklaard omdat de investering niet voldeed aan de besparingseis.
Proceskosten werden niet toegewezen. Het College bevestigde hiermee de afwijzing van de EIA-verklaring voor de investering in de nieuwe motor.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de energie-investeringsaftrek voor de nieuwe scheepsmotor wordt ongegrond verklaard.