ECLI:NL:CBB:2009:BH2648
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- H.O. Kerkmeester
- S.C. Stuldreher
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering herziening areaalheffing vollegrondsgroenten 2005
Appellant werd door verweerder aangeslagen voor een areaalheffing over vollegrondsgroenten 2005, gebaseerd op een oppervlakte van 6,30 hectare grond die hij aan een derde had verhuurd. Appellant betwistte de heffing, omdat hij zelf geen vollegrondsgroenten had geteeld en verzocht om herziening van de heffing op grond van artikel 8 van Pro de Verordening PT bijzondere heffing vollegrondsgroenten 2005.
Verweerder wees het herzieningsverzoek af, stellende dat het bezwaar te laat was ingediend en dat de heffing terecht aan appellant was opgelegd omdat de derde teler niet bekend was bij verweerder. Verweerder stelde zich op het standpunt dat herziening alleen plaatsvindt naar aanleiding van jaarlijkse boekencontroles.
Het College oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom het herzieningsverzoek niet kon worden ingewilligd, aangezien appellant had verklaard dat hij de grond had verhuurd en zelf geen vollegrondsgroenten had geteeld. Het College stelde dat artikel 8 van Pro de Verordening geen beperking kent tot herziening uitsluitend na boekencontrole en dat de beslissing op bezwaar niet deugdelijke motivering bevatte.
Daarom verklaarde het College het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder opnieuw moet beslissen op het bezwaarschrift. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering; verweerder moet opnieuw beslissen.