ECLI:NL:CBB:2009:BL4501
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen kennelijke fout bij niet-uitbetaling toeslagrechten door onvolledige opgave percelen
Appellant stelde beroep in tegen een besluit van de Minister van Landbouw waarin zijn bedrijfstoeslag voor 2008 werd vastgesteld na aftrek van een modulatiekorting. Hij voerde aan dat door een fout bij het digitaal invullen van de gecombineerde opgave een perceel niet correct was opgegeven voor uitbetaling van toeslagrechten, wat volgens hem een kennelijke fout opleverde. Tevens stelde appellant dat de overheid had moeten voorzien in controlevragen om dergelijke fouten te voorkomen, en dat verweerder onterecht niet had toegestaan de fout te herstellen.
Verweerder stelde dat er geen kennelijke fout was omdat de aanvraag geen tegenstrijdigheden bevatte en het niet zijn taak was om de motieven van de aanvrager te onderzoeken. Het ontbreken van controleschermen in de digitale aanvraag werd niet als foutief beoordeeld. Het College overwoog dat een kennelijke fout alleen kan worden aangenomen als bij een summier onderzoek duidelijk is dat de aanvraag niet overeenkomt met de bedoeling van de aanvrager.
Het College concludeerde dat appellant bewust had gekozen om niet alle percelen op te geven en dat het verschil tussen de opgegeven en mogelijke toeslagrechten niet zo groot was dat het direct opviel. Het ontbreken van een controlevraag en de mogelijkheid om een uitdraai te maken van de aanvraag rechtvaardigden geen verwijt aan verweerder. Daarom was er geen sprake van een kennelijke fout en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van een kennelijke fout bij de aanvraag van toeslagrechten.