ECLI:NL:CBB:2010:BM2451
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Geen kennelijke fout bij gedeeltelijke uitbetaling bedrijfstoeslag 2008
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de vaststelling van haar bedrijfstoeslag 2008, omdat zij slechts voor vier van haar vijftien percelen een kruisje had geplaatst om toeslagrechten te verzilveren. Zij stelde dat dit een kennelijke fout was, aangezien zij meer percelen had om haar toeslagrechten volledig te benutten.
Verweerder stelde dat het niet aan hem is om de motieven van de aanvrager te onderzoeken en dat het verschil tussen de aangevraagde en maximale toeslag te klein was om van een kennelijke fout te spreken. Het College overwoog dat een kennelijke fout alleen kan worden aangenomen bij duidelijke tegenstrijdigheden die wijzen op een vergissing en dat het redelijkerwijs uitgesloten moet zijn dat de aanvraag conform de bedoeling van de aanvrager is ingevuld.
Het College concludeerde dat appellante 13,45 van haar 13,96 toeslagrechten had benut en dat het verschil te klein was om bij een summier onderzoek direct op te vallen. Bovendien had zij meer percelen opgegeven dan nodig was om haar toeslagrechten te verzilveren. Daarom was er geen kennelijke fout en was het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van een kennelijke fout in de aanvraag bedrijfstoeslag 2008.