ECLI:NL:CBB:2010:BM2729
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing bedrijfstoeslag GLB-inkomenssteun 2006 wegens vermeende kennelijke fout
Appellant had beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw waarin de bedrijfstoeslag voor 2007 op nul werd vastgesteld vanwege een vermeende fout in de opgave van perceel 8. Appellant had per abuis het gehele perceel opgegeven, terwijl een deel was verhuurd aan een derde. Hij had dit telefonisch gemeld, maar de fout werd niet als kennelijke fout erkend.
Verweerder stelde dat de wijziging na de indieningstermijn was en dat geen sprake was van een kennelijke fout omdat de aanvraag objectief niet onlogisch was en het niet zijn taak was om de motieven van appellant te beoordelen. Het College volgde dit standpunt en overwoog dat uit de aanvraag niet bleek dat het perceel grotendeels was verhuurd en dat het verschil tussen opgegeven en beschikbare toeslagrechten niet opvallend was.
Het College wees ook het verzoek af om andere percelen alsnog in aanmerking te brengen omdat dit te laat was ingediend. De oppervlaktecorrectie van perceel 8 was terecht en leidde tot een korting van bijna 30%, waardoor de toeslag op nul werd vastgesteld.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de afwijzing van de bedrijfstoeslag 2007 wordt ongegrond verklaard.