ECLI:NL:CBB:2010:BN4373
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing wijziging bedrijfstoeslag 2007 wegens kennelijke fout
Appellante, een vennootschap onder firma, stelde beroep in tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin het bezwaar tegen de vaststelling van haar bedrijfstoeslag 2007 werd afgewezen. De kern van het geschil betreft het feit dat appellante slechts een deel van haar toeslagrechten had opgegeven voor uitbetaling, terwijl zij over voldoende subsidiabele hectaren beschikte om al haar toeslagrechten te verzilveren.
Verweerder stelde dat een verzoek tot wijziging van de aanvraag na de kortingsperiode slechts kan worden ingewilligd indien sprake is van een kennelijke fout in de zin van artikel 19 van Pro Verordening (EG) nr. 796/2004, en dat dit niet het geval was. Het College overwoog dat het niet of niet maximaal aanvragen van toeslagrechten op zichzelf geen kennelijke fout is, maar in dit geval was het verschil tussen de opgegeven en beschikbare toeslagrechten zo groot dat het een kennelijke fout moest worden aangenomen.
Het College oordeelde dat verweerder appellante ten onrechte geen gelegenheid had geboden haar aanvraag te wijzigen en verklaarde het beroep gegrond. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het besluit werd vernietigd en verweerder moet opnieuw op het bezwaar beslissen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder moet opnieuw op het bezwaar beslissen.