ECLI:NL:CBB:2010:BN4834
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- M. van Duuren
- W.A.J. van Lierop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heffing kosten doorlopend financieel toezicht ondanks afwijzing vergunningaanvraag
Appellant diende op 28 januari 2006 een aanvraag in voor een vergunning voor het bemiddelen in levens- en schadeverzekeringen. Deze aanvraag werd op 28 september 2007 door de AFM afgewezen. Desondanks legde de AFM een heffing op voor de kosten van doorlopend toezicht over de periode van 1 januari 2007 tot 28 september 2007.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat appellant onder het overgangsregime van de Wft viel, waardoor hij gedurende de periode van de vergunningaanvraag tot de afwijzing onder toezicht stond en de heffing verschuldigd was. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het verweerschrift van AFM te laat was ingediend, dat er geen sprake was van doorlopend toezicht en dat de lange duur van de procedure tot onredelijke heffingskosten leidde.
Het College van Beroep oordeelde dat appellant niet in zijn belangen was geschaad door de late indiening van het verweerschrift, dat appellant inderdaad onder toezicht stond gedurende de relevante periode en dat de heffing terecht was opgelegd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de heffing van kosten voor doorlopend toezicht wordt bevestigd.