ECLI:NL:CBB:2010:BO2557
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- J.L.W. Aerts
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen retributieheffingen post mortem-keuringen en rechtmatigheid regeling
Compaxo Vlees Zevenaar B.V. heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Minister van Landbouw waarin retributieheffingen zijn opgelegd voor post mortem-keuringen uitgevoerd door officiële assistenten van KDS. Appellante betwistte de rechtmatigheid van de regeling, onder meer vanwege het ontbreken van een aanbestedingsprocedure, een opslag voor weerstandsvermogen in het kwartiertarief en vermeende staatssteun.
Het College overwoog dat mogelijke gebreken in de overeenkomst tussen VWA en KDS niet leiden tot onverbindendheid van de regeling, omdat de grondslag van de kostenheffing in de regeling zelf ligt. De opslag voor het weerstandsvermogen werd niet als onrechtmatig aangemerkt, omdat deze kosten noodzakelijk zijn voor continuïteit en opleiding van personeel en binnen de toegestane kosten vallen.
Verder stelde het College vast dat er geen aanwijzingen zijn dat KDS een voordeel ontvangt dat staatssteun oplevert. Ook het betoog dat de Staat een groter deel van de keuringskosten moet dragen werd verworpen, mede omdat de Europese verordening juist een vergoeding voor officiële controles voorschrijft.
Gelet op deze overwegingen werd de regeling niet onverbindend verklaard en werden de beroepen ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van appellante tegen de retributieheffingen worden ongegrond verklaard.