ECLI:NL:CBB:2011:BQ6191
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen uitsluiting bedrijfstoeslag wegens onregelmatigheid en concentratiezwakte
Appellant heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie waarin de voorschot- en definitieve vaststelling van de bedrijfstoeslag 2009 op nihil werden gesteld vanwege een onregelmatigheid in de aanvraag. De onregelmatigheid betrof een dubbele aanvraag voor een perceel dat aan een derde was verhuurd, wat appellant erkende.
Het College oordeelt dat de aanvraag een onregelmatigheid bevat en dat aanpassing van de aanvraag na kennisgeving van deze onregelmatigheid niet meer mogelijk was, omdat geen sprake was van een kennelijke fout. Het beroep op overmacht faalt omdat appellant niet tijdig de overmacht heeft gemeld. De concentratiezwakte van appellant als gevolg van een hersenbloeding wordt niet als vrijstelling van schuld erkend, omdat deze situatie al geruime tijd bestond en niet tijdig is gemeld.
Het beroep op het evenredigheidsbeginsel wordt verworpen omdat de wet dwingend voorschrijft dat bij een verschil van meer dan 20% tussen opgegeven en geconstateerde oppervlakte volledige uitsluiting van steun volgt. Het College verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de besluiten van de Staatssecretaris.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de bedrijfstoeslag 2009 wordt op nihil vastgesteld wegens onregelmatigheid en niet tijdig gemelde overmacht.