ECLI:NL:CBB:2011:BQ6435
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- C.J. Waterbolk
- H.S.J. Albers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting van 20% wegens opzettelijke niet-naleving oormerkplicht runderen door gewetensbezwaarde
Appellant, een landbouwer geregistreerd als gewetensbezwaarde voor het identificeren van runderen zonder oormerken, kreeg een randvoorwaardenkorting van 20% opgelegd wegens het niet aanbrengen van oormerken op runderen geboren na 31 december 1997. Hoewel appellant voldeed aan het nationale protocol voor gewetensbezwaarden, erkent het College dat deze alternatieve identificatiemethode niet wordt geaccepteerd binnen de Europese regelgeving.
Verweerder stelde dat de niet-naleving opzettelijk was en dat de korting daarom terecht was. Appellant voerde aan dat de overheid onbetrouwbaar is door enerzijds toestemming te geven voor alternatieve identificatie en anderzijds een korting op te leggen. Het College oordeelde echter dat verweerder gebonden is aan de Europese regelgeving en dat de korting niet verlaagd kon worden.
Het College concludeerde dat appellant de randvoorwaarde van oormerken niet heeft nageleefd en dat er sprake is van opzettelijke niet-naleving zoals bedoeld in de relevante Europese verordening. Er waren geen omstandigheden die een verlaging van de korting rechtvaardigden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de randvoorwaardenkorting van 20% wordt ongegrond verklaard.