ECLI:NL:CBB:2011:BQ6436
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- C.J. Waterbolk
- H.S.J. Albers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit randvoorwaardenkorting bij niet-emissiearm uitrijden van mest
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit waarbij een korting van 20% werd opgelegd wegens opzettelijke niet-naleving van het verbod op niet-emissiearm uitrijden van mest. Dit werd verlaagd naar 5% omdat de niet-naleving niet opzettelijk zou zijn geweest. Het College stelt vast dat appellant op 25 april 2008 mest heeft uitgereden waarbij de bemester niet correct functioneerde, wat resulteerde in een overtreding van het verbod.
Verweerder baseerde het kortingspercentage op beleidsregels die een initiële korting van 5% voorschrijven voor deze overtreding. Het College oordeelt echter dat verweerder niet binnen de wettelijke kaders heeft gehandeld door het percentage afhankelijk te maken van het beleidsterrein, wat strijdig is met artikel 66 van Pro Verordening (EG) nr. 796/2004.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen vier weken een nieuw besluit te nemen waarbij rekening wordt gehouden met de omstandigheid dat de overtreding plaatsvond bij het eerste gebruik van een nieuwe, niet goed afgestelde bemester. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot randvoorwaardenkorting van 5% wordt vernietigd.