ECLI:NL:CBB:2011:BQ9597
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing indikken toeslagrechten bij minder hectares dan toeslagrechten
Appellant had bezwaar gemaakt tegen de vaststelling van zijn bedrijfstoeslag 2008, waarbij hij slechts een deel van zijn percelen had opgegeven voor toeslaguitbetaling. Verweerder heeft dit bezwaar deels gegrond verklaard en alsnog toeslag toegekend voor alle 21 percelen uit het overzicht. Appellant voerde aan dat hij te weinig hectares had om alle 84,73 toeslagrechten te benutten en verzocht meerdere malen om formulieren om toeslagrechten te laten indikken, maar deze werden niet verstrekt.
Het College oordeelt dat appellant geen melding heeft gedaan van de overdracht van toeslagrechten binnen de gestelde termijn van 15 mei 2008, zoals vereist in de Regeling. Pas in november 2008 meldde appellant dat hij grond was kwijtgeraakt en vroeg hij om herverdeling van toeslagrechten, maar dat was te laat voor besluitvorming in het kader van de bedrijfstoeslag 2008.
Daarom is het beroep ongegrond. Wel wordt verweerder opgedragen het betaalde griffierecht van €150 aan appellant te vergoeden, omdat verweerder na het beroepschrift gedeeltelijk aan het bezwaar tegemoet is gekomen. De zaak betreft toepassing van Europese verordeningen inzake bedrijfstoeslag en overdracht van toeslagrechten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het betaalde griffierecht wordt aan appellant vergoed.