ECLI:NL:CBB:2011:BR3117
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- R.F.B. van Zutphen
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling erkenning als koper en proceskostenveroordeling in superheffingzaak
Appellant verzocht om erkenning als koper voor de heffingsperiode 2007/2008 in het kader van de superheffing en melkpremie 2004. Verweerder wees de aanvraag af omdat appellant niet voldeed aan de vereiste hoedanigheid van handelaar, aangezien uit de aanvraag bleek dat appellant geen voornemen had melk van andere producenten te kopen.
Appellant stelde dat verweerder hem had moeten verzoeken de aanvraag aan te vullen en dat de afwijzing onvoldoende was gemotiveerd. Tevens verwees appellant naar een erkenning van een andere landbouwer als koper, waaruit zou blijken dat melk afnemen van één producent voldoende zou zijn.
Het College oordeelde dat verweerder terecht de aanvraag afwees omdat appellant niet voldeed aan de definitie van handelaar zoals bedoeld in de relevante verordening. Er was geen aanleiding om appellant gelegenheid te bieden de aanvraag aan te vullen omdat de aanvraag volledig en duidelijk was. Het beroep tegen het besluit van 14 oktober 2008 werd niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen het besluit van 13 april 2011 ongegrond.
Het College veroordeelde verweerder in de proceskosten van appellant vanwege een eerder vastgesteld gebrek in het besluit van 14 oktober 2008, dat redelijkerwijs aan verweerder kon worden toegerekend. Verweerder werd tevens verplicht het griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 14 oktober 2008 werd niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen het besluit van 13 april 2011 ongegrond, en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van appellant.