ECLI:NL:CBB:2011:BU9156
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling randvoorwaardenkorting op rechtstreekse betalingen vanwege niet-hermerken rund
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit waarbij een randvoorwaardenkorting van 1% werd toegepast op de rechtstreekse betalingen voor 2010 wegens het niet voldoen aan de identificatieplicht van runderen. De Algemene Inspectiedienst constateerde dat een stier geen oormerken meer had, hoewel deze bij geboorte wel was gemerkt. Appellant voerde aan dat de oormerken verloren waren gegaan en dat hij deze niet durfde te vervangen.
Het College oordeelde dat de verplichting tot het aanbrengen van oormerken binnen een bepaalde termijn strikt geldt en dat het niet hermerken van het dier een niet-naleving vormt. De korting van 1% is gebaseerd op een beoordeling van de controleautoriteit die de nalatigheid als relatief licht heeft gekwalificeerd. Het beroep op het evenredigheidsbeginsel en het argument dat het gevaarlijk was om de oormerken aan te brengen, werden verworpen omdat appellant zich had kunnen laten bijstaan door een veearts.
Het College concludeerde dat het besluit tot toepassing van de randvoorwaardenkorting rechtmatig is en dat appellant de niet-naleving niet heeft hersteld, waardoor geen reden bestaat om de korting geheel achterwege te laten. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de randvoorwaardenkorting van 1% op de rechtstreekse betalingen wordt ongegrond verklaard.