ECLI:NL:CBB:2012:BV2285
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- R.F.B. van Zutphen
- S.C. Stuldreher
- Rechtspraak.nl
College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt intrekking regulering wholesalemarkt gespreksdoorgifte
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de marktafbakening en regulering van de wholesalemarkt voor gespreksdoorgifte tussen netwerken centraal. OPTA had in 2008 besloten dat directe interconnectie en transit gespreksdoorgifte tot dezelfde relevante markt behoren, wat leidde tot het intrekken van eerder opgelegde reguleringsverplichtingen aan KPN. Appellanten, waaronder UPC en bbned c.s., voerden aan dat directe interconnectie geen substituut is voor transit en dat de markt onvoldoende concurrerend is, waardoor regulering noodzakelijk blijft.
Het College analyseerde uitgebreid de feiten, waaronder marktontwikkelingen, technische verschillen, investeringskosten, en het gedrag van marktpartijen. Het concludeerde dat directe interconnectie functioneel een substituut vormt voor transit en dat een significante groep afnemers bij prijsverhogingen zou overstappen. Ook is er sprake van enige aanbodsubstitutie. Hoewel er verschillen zijn in kosten en realisatietijd, wegen deze niet zwaarder dan de substitutie-effecten.
Verder oordeelde het College dat KPN geen aanmerkelijke marktmacht meer bezit op de afgebakende markt, mede door het marktaandeel van 40-50% en de aanwezigheid van concurrenten zoals T-Mobile, BT, Tele2 en Verizon. Het College verwierp de kritiek op het ontbreken van een driecriteriatest, omdat deze test niet relevant is na het besluit tot marktanalyse. De beroepen werden ongegrond verklaard en de intrekking van de regulering bevestigd.
Uitkomst: Het College verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de intrekking van de regulering van KPN op de markt voor gespreksdoorgifte.