ECLI:NL:CBB:2012:BW5767
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- G.P. Kleijn
- J.A.M. van den Berk
- Rechtspraak.nl
Geen belanghebbende bij subsidieverlening biomassavergisting volgens College van Beroep
Het geschil betreft de subsidieverlening door de Minister van Economische Zaken aan [E] voor een biomassavergistingsproject, waar appellante bezwaar tegen maakte omdat zij meent belanghebbende te zijn. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belanghebbende status. Het College oordeelt dat appellante de termijnoverschrijding in bezwaar kan verontschuldigen omdat zij pas later op de hoogte was van het besluit.
De kernvraag is of appellante een rechtstreeks belang heeft bij het subsidiebesluit. Appellante stelt dat zij via een bouwvergunning en een overeenkomst een rechtstreekse relatie heeft met het project en dat de subsidie aan [E] onrechtmatig is toegekend. Het College stelt echter vast dat appellante onvoldoende heeft onderbouwd dat zij partij C is in de overeenkomst en dat de bouwvergunning niet op haar naam staat. Ook is niet aannemelijk dat zij een privaatrechtelijke relatie met [E] heeft.
Daarmee concludeert het College dat appellante geen belanghebbende is in de zin van artikel 1:2 Awb Pro en dat verweerder haar bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard omdat zij geen belanghebbende is bij het subsidiebesluit.