ECLI:NL:CBB:2012:CA2127
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding bij bezwaar tegen bloemkwekerijheffing onjuist vastgesteld
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen een besluit van het Productschap Tuinbouw waarin hun bezwaren tegen opgelegde bloemkwekerijheffingen over meerdere jaren ongegrond werden verklaard en een proceskostenvergoeding werd toegekend.
Na het instellen van beroep nam verweerder een gewijzigd besluit waarin gedeeltelijk tegemoet werd gekomen aan het beroep en een gewijzigde proceskostenvergoeding werd toegekend. Appellanten voerden onder meer aan dat de verplichte aansluiting in strijd was met artikel 11 EVRM Pro, dat de HbAG-heffing onterecht niet volledig was gerestitueerd, en dat de proceskostenvergoeding onjuist was berekend.
Het College verwierp de eerste twee gronden en oordeelde dat de proceskostenvergoeding onjuist was vastgesteld omdat niet alle bezwaren als nagenoeg gelijktijdig waren beschouwd volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. Het College stelde de vergoeding hoger vast op €3.059 en veroordeelde verweerder tevens in de proceskosten van appellanten van €874, naast vergoeding van het griffierecht.
Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit van 19 juli 2012 vernietigd voor zover het de proceskostenvergoeding betreft, waarbij deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde onderdeel.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de proceskostenvergoeding wordt verhoogd tot €3.059, met veroordeling in proceskosten en vergoeding van griffierecht.