ECLI:NL:CBB:2013:205
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen weigering gedoogtoestemming legbatterijverbod
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een gedoogtoestemming voor twee locaties met legkippen, in het kader van de Voorziening knelgevallen legbatterijverbod. Verweerder heeft deze aanvraag geweigerd en de bezwaren van appellante kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
Appellante betwist deze niet-ontvankelijkverklaring en stelt dat verweerder ten onrechte niet heeft onderzocht of er klemmende, concrete gronden zijn voor een rechtsplicht tot gedogen. Verweerder stelt dat de schriftelijke mededeling van weigering geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Awb Pro, omdat de rechtspositie van appellante niet is gewijzigd.
Het College bevestigt dat een schriftelijke mededeling dat niet zal worden gedoogd, behoudens bijzondere gevallen, geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Awb Pro. Appellante heeft geen bijzondere omstandigheden gesteld die dit anders maken. Het gebrek aan financiële middelen wordt niet als zodanig aangemerkt. Het College oordeelt dat verweerder terecht van de hoorplicht heeft afgezien omdat redelijkerwijs geen twijfel bestaat dat de bezwaren niet tot een ander besluit kunnen leiden.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de weigering van gedoogtoestemming wordt ongegrond verklaard.