ECLI:NL:CBB:2013:BZ4366
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- B. Verwayen
- W.E. Doolaard
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen tuchtboete wegens overtreding varkensleveringsverordening
Appellant, een varkenshouder met een B-bedrijf, werd door het Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees veroordeeld tot een geldboete wegens het afvoeren van vleesbiggen naar meer dan zes D-bedrijven binnen een periode van zes weken, wat in strijd is met de Verordening Varkensleveringen 2007. Het tuchtgerecht legde een boete van € 2000,- op, waarvan € 1000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, rekening houdend met de incidentele aard van de overtredingen en het ontbreken van eerdere tuchtmaatregelen.
Appellant stelde dat de boete te zwaar was en dat sprake was van overmacht omdat hij was overgestapt naar een andere handelaar, waardoor tijdelijke inregelproblemen ontstonden. Tevens voerde hij aan dat hij de varkenssector niet in gevaar had gebracht vanwege de getroffen maatregelen en dat de Verordening verouderd was.
Het College van Beroep verwierp deze grieven. Het stelde dat de overtredingen willens en wetens waren begaan, dat elke overtreding afzonderlijk moest worden beoordeeld en dat de Verordening noodzakelijk is voor het voorkomen van verspreiding van besmettelijke dierziekten. Overmacht werd niet aangenomen omdat appellant niet had aangetoond dat geen alternatieven beschikbaar waren en hij onvoldoende contact had gezocht met het productschap.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de opgelegde boete bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de tuchtboete wegens overtreding van de Verordening Varkensleveringen wordt ongegrond verklaard.