ECLI:NL:CBB:2013:BZ4426
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Mondelinge uitspraak
- R.C. Stam
- E. van Kerkhoven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag vanwege te late indiening ondanks persoonlijke omstandigheden
Appellant diende een aanvraag in voor de bedrijfstoeslag 2012 onder de Regeling GLB-inkomenssteun. De aanvraag werd op 12 juni 2012 ontvangen, terwijl de uiterste indieningsdatum op 15 mei 2012 lag, met een mogelijke verschuiving naar 11 juni 2012 vanwege het weekend. Dit betekende dat de aanvraag meer dan 25 kalenderdagen te laat was.
Appellant voerde aan dat persoonlijke omstandigheden, waaronder het overlijden van familieleden, problemen met kalveren en een geschil met een buurman, de late indiening veroorzaakten. Het College stelde echter dat het de verantwoordelijkheid van appellant is om tijdig in te dienen en dat het risico van te late ontvangst bij de aanvrager ligt.
Op grond van de toepasselijke Europese verordeningen is een aanvraag slechts tijdig indien door de bevoegde instantie ontvangen vóór het verstrijken van de termijn. Bij meer dan 25 dagen te late indiening moet de aanvraag worden afgewezen, tenzij sprake is van overmacht of buitengewone omstandigheden, wat in deze zaak niet werd aangenomen.
Het beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de te laat ingediende subsidieaanvraag wordt ongegrond verklaard.