ECLI:NL:CBB:2013:CA1964
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- M.A. van der Ham
- W.E. Doolaard
- J.A.M. van den Berk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging doorhaling inschrijving register accountant wegens onthouden medewerking kwaliteitsonderzoek
Appellant, een registeraccountant, werd door de accountantskamer tuchtrechtelijk veroordeeld wegens het onthouden van medewerking aan een periodiek kwaliteitsonderzoek en het niet reageren op herhaalde aanmaningen. De accountantskamer legde hem de maatregel van doorhaling van zijn inschrijving in het register op, met een verbod om binnen zes maanden opnieuw te worden ingeschreven.
In hoger beroep betoogde appellant dat de accountantskamer onvoldoende rekening had gehouden met omstandigheden die het kwaliteitsonderzoek onmogelijk maakten en dat het NIVRA onzorgvuldig had gehandeld. Het College van Beroep oordeelde echter dat appellant geen concrete omstandigheden had aangevoerd die het onderzoek belemmerden en dat de stellingen over onzorgvuldigheid onvoldoende waren onderbouwd.
Het College benadrukte het maatschappelijke belang van kwaliteitsonderzoeken en beschouwde het onthouden van medewerking als een ernstige overtreding van de Verordening Kwaliteitsonderzoek en het fundamentele beginsel van professioneel gedrag. De opgelegde maatregel van doorhaling werd passend bevonden, mede gelet op eerdere tuchtklachten tegen appellant.
Het verzoek om uitstel van de zitting werd afgewezen omdat appellant dit te laat en onvoldoende gemotiveerd had ingediend. Uiteindelijk verklaarde het College het hoger beroep ongegrond en bevestigde daarmee de eerdere uitspraak van de accountantskamer.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant is ongegrond verklaard en de doorhaling van zijn inschrijving in het register is bevestigd.