ECLI:NL:CBB:2014:242
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder bestuursdwang voor dierenwelzijn
Op 3 juni 2014 legde de Staatssecretaris van Economische Zaken een last onder bestuursdwang op aan verzoeker met vijf maatregelen die uiterlijk 5 juni 2014 moesten zijn uitgevoerd. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om schorsing van de last en teruggave van 175 meegevoerde runderen te verkrijgen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat drie van de vijf maatregelen reeds waren uitgevoerd en dat schorsing daarvan niet aan de orde was. Verzoeker stelde dat de begunstigingstermijn te kort was en dat de last onduidelijk was, maar dit werd verworpen omdat het toezichtrapport en de diergeneeskundige verklaring voldoende concreet waren en verzoeker feitelijk zeven dagen had om maatregelen te treffen.
Verder stelde verzoeker dat geen overtredingen van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren hadden plaatsgevonden, maar het toezichtrapport toonde ernstige tekortkomingen in de verzorging en huisvesting van de runderen aan. Bij controle op 24 juni 2014 waren de maatregelen niet of onvoldoende uitgevoerd, wat aanleiding gaf tot bestuursdwang en het afvoeren van de veestapel.
Verzoeker weigerde de resterende maatregelen te treffen, waardoor terugkeer van de runderen onmogelijk werd. De voorzieningenrechter wees het verzoek af en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder bestuursdwang en teruggave van runderen wordt afgewezen.