Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
Uitspraak van de meervoudige kamer van 9 oktober 2014 op het hoger beroep van:
[naam 1], te [plaats 1], appellant
de Minister van Economische Zaken (de minister)
Procesverloop in hoger beroep
De grondslag van het geschil
De uitspraak van de rechtbank
De standpunten van partijen in hoger beroep
De beoordeling van het geschil in hoger beroep
[naam 8]is gedateerd 21 juli 2012. Hij is de eigenaar van [adres 2]. Hij verklaart dat hij van 27 januari tot en met 30 januari 2012 “de” grond beschikbaar stelde aan het [naam 13]. De antennemast werd achter de stal geplaatst. Zondagmiddag omstreeks 14 uur kwamen enkele leden van het [naam 13] met de mededeling dat de mast zou worden opgezet. De met kleden bedekte mast werd toen vrij gemaakt. De mast is opgezet met behulp van een gele aggregaat. De aggregaat diende tevens als stroomvoorziening voor de veewagen waarin de zender stond. Die is ’s-middags van [naam 1] hierheen gebracht en stond in de stal. Op 10 juni 2013 bevestigt [naam 8] tegenover de notaris (vrijwel letterlijk) deze verklaring.