ECLI:NL:CBB:2015:404
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.R. Winter
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag zonnepanelen wegens bereikt subsidieplafond
Appellant diende op 28 juni 2013 elektronisch een subsidieaanvraag in voor fotovoltaïsche zonnepanelen binnen de Subsidieregeling energie en innovatie. Het subsidieplafond van €50.882.000,- was op 8 augustus 2013 bereikt. Verweerder ontving de aanvraag van appellant echter pas op 12 september 2013, waarna deze werd afgewezen wegens het uitgeputte subsidiebudget.
Appellant stelde dat hij de aanvraag wel degelijk op 28 juni had ingediend en dat de gegevens bij verweerder bekend waren als concept-aanvraag. Tevens betoogde hij dat hij bij tijdige ontvangstbevestiging eerder had kunnen reageren om de aanvraag alsnog tijdig in te dienen. Verweerder stelde dat de aanvraag nooit was verzonden omdat appellant niet op de knop 'verzenden' had geklikt, en dat de elektronische procedure duidelijk maakt dat alleen verzonden aanvragen als definitief worden geregistreerd.
Het College oordeelde dat de aanvraag die appellant wilde indienen nooit als definitieve aanvraag bij verweerder was binnengekomen, maar slechts als concept was opgeslagen. De verantwoordelijkheid voor het verzenden lag bij appellant. Er was geen aanwijzing dat de procedure gebrekkig was ingericht of dat de niet-ontvangst voor rekening van verweerder kwam.
Daarom was verweerder verplicht de aanvraag af te wijzen op grond van artikel 4:25, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, omdat het subsidieplafond was bereikt voordat de aanvraag was ontvangen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de subsidieaanvraag zonnepanelen wordt ongegrond verklaard omdat de aanvraag niet tijdig was ingediend.