ECLI:NL:CBB:2016:256
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.R. Winter
- H.L. van der Beek
- T.P.J.N. van Rijn
- Rechtspraak.nl
Intrekking chauffeurskaart wegens niet tijdig overleggen geldige verklaring omtrent gedrag
Verweerder heeft de chauffeurskaart van appellant ingetrokken omdat appellant niet binnen de gestelde termijnen een juiste verklaring omtrent gedrag (VOG) heeft overgelegd. Dit besluit is gebaseerd op artikel 10, eerste lid, aanhef en onder d, van de Regeling gebruik boordcomputer en boordcomputerkaarten.
Appellant voerde aan dat de regeling onverbindend is omdat deze geen ruimte laat voor belangenafweging en dat de termijn voor het overleggen van de VOG onredelijk kort was. Het College oordeelde dat de regeling rechtsgeldig is en dat de termijn van ruim vier maanden, van oktober 2013 tot maart 2014, niet onredelijk was. Tevens werd vastgesteld dat het bezwaar tegen de weigering van de VOG niet in deze procedure aan de orde kan komen.
Ten slotte werd geoordeeld dat het bestuursorgaan terecht heeft afgezien van een hoorzitting omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de chauffeurskaart wegens het niet tijdig overleggen van een geldige VOG is ongegrond verklaard.