ECLI:NL:CBB:2017:383
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C. Stam
- E.R. Eggeraat
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen subsidievaststelling vanwege niet-subsidiabele bouwkosten afgewezen
Appellant vroeg subsidie aan voor investeringen in milieuvriendelijke maatregelen, waaronder mechanische scheiding, indikken en drogen van dierlijke mest. De subsidie werd verleend en later vastgesteld op een lager bedrag dan aangevraagd, waarbij verweerder bepaalde bouwkosten niet als subsidiabel aanmerkte omdat deze niet in de oorspronkelijke aanvraag waren opgenomen.
Appellant voerde aan dat de bouwwerkzaamheden noodzakelijk waren voor de installatie, maar het College stelde vast dat de aanvraag alleen voorzag in omgekeerde osmose, waarvoor warme lucht niet nodig is. Daarom werden de bouwkosten terecht niet subsidiabel geacht.
Daarnaast werd een sanctie opgelegd wegens het te hoog opgeven van kosten in de subsidievaststelling, conform artikel 63 van Pro Verordening 809/2014. Appellant kon niet aantonen geen schuld te hebben aan deze onjuistheid, waardoor de sanctie terecht werd toegepast.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de subsidievaststelling en de opgelegde sanctie wordt ongegrond verklaard.