ECLI:NL:CBB:2017:443
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.R. Winter
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- T.P.J.N. van Rijn
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting GLB-inkomenssteun wegens overtreding Meststoffenwet in 2010
Appellant kreeg op grond van de Regeling GLB-inkomenssteun 2006 een korting van 3% op zijn bedrijfstoeslag voor 2010 vanwege het niet naleven van een randvoorwaarde, namelijk overtreding van de Meststoffenwet (Msw). Na bezwaar werd dit besluit gehandhaafd en appellant stelde beroep in bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Het College overwoog dat de overtreding van artikel 7 in Pro verbinding met artikel 8 van Pro de Msw door appellant was vastgesteld door de rechtbank in een eerdere procedure. Deze overtreding hield onder meer in dat de gebruiksnormen voor dierlijke meststoffen en stikstof werden overschreden, waardoor de uitzondering op het verbod om meststoffen op of in de bodem te brengen niet voor appellant gold.
Het College bevestigde dat de Regeling GLB-inkomenssteun 2006, ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 73/2009, voorschrijft dat beheerseisen zoals opgenomen in de Nitraatrichtlijn en de Msw moeten worden nageleefd om aanspraak te maken op volledige inkomenssteun. Omdat appellant deze eisen niet had nageleefd, was de korting van 3% terecht toegepast.
Het beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de korting van 3% op de GLB-inkomenssteun wegens overtreding van de Meststoffenwet wordt ongegrond verklaard.