Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 15 maart 2017 op het hoger beroep van:
[naam 1] , te [plaats 1] , appellant (gemachtigde: mr. S.W. van Zijl),
Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA)ingediend tegen appellant
Procesverloop in hoger beroep
Grondslag van het geschil
Uitspraak van de accountantskamer
Beoordeling van het geschil in hoger beroep
19 februari 2014 is afgesproken dat appellant zijn werkzaamheden voor [naam 2] zou staken en zijn naam niet langer aan de accountantspraktijk zou verbinden. Het College onderschrijft het oordeel van de accountantskamer dat van appellant gevergd mocht worden spoedig na dat gesprek uit te treden als vennoot en zijn verbondenheid met de accountantspraktijk te beëindigen. Zoals de accountantskamer heeft overwogen blijkt uit de brief van 20 augustus 2014 juist dat appellant zich hier niet aan heeft gehouden. Appellant heeft zich pas na een waarschuwing van de Raad voor Toezicht en na ontvangst van het eindoordeel uitgeschreven als vennoot.
Beslissing
mr. P.M. van der Zanden, in aanwezigheid van mr. L.N. Foppen, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 15 maart 2017.