ECLI:NL:CBB:2018:133
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening omzetting varkensrechten in fosfaatrechten
Verzoeker, een agrariër die zijn gemengd bedrijf heeft omgevormd tot melkveebedrijf, verzocht om omzetting van zijn varkensrechten in fosfaatrechten om zijn melkveebedrijf te kunnen benutten. De minister had de fosfaatrechten vastgesteld op een lager niveau dan verzoeker wenste. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening.
Het College overwoog dat artikel 33Aa van de Meststoffenwet de mogelijkheid biedt tot omzetting van productierechten, maar dat een algemene maatregel van bestuur daarvoor ontbreekt en niet op korte termijn wordt verwacht. De minister handelde niet onrechtmatig door de omzetting te weigeren. De vraag of het fosfaatrechtenstelsel in strijd is met het fair balance-beginsel uit het EVRM kon niet in deze spoedprocedure worden beoordeeld.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de feiten en omstandigheden onvoldoende aanleiding geven voor een voorlopige voorziening en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot omzetting van varkensrechten in fosfaatrechten wordt afgewezen.