ECLI:NL:CBB:2019:175
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Pavićević
- Rechtspraak.nl
Geen vrijstelling gewasdiversificatie wegens foutieve perceelintekening en terecht verlaging vergroeningsbetaling
Appellante heeft in 2016 een aanvraag gedaan voor basis- en vergroeningsbetaling waarbij zij stelde vrijgesteld te zijn van de gewasdiversificatie. Verweerder stelde dat appellante niet voldeed aan deze voorwaarde omdat op een deel van het bouwland in 2015 en 2016 hetzelfde gewas (tulpen) was geteeld, gebaseerd op een geospatiale vergelijking van de perceelintekeningen.
Appellante voerde aan dat de overlap het gevolg was van een foutieve intekening in 2015 en dat zij geen reden had bezwaar te maken tegen het besluit van dat jaar. Tevens stelde zij dat in vergelijkbare gevallen de bezwaren wel werden gehonoreerd. Verweerder stelde dat de foutieve intekening aan appellante te wijten was, omdat zij uit de luchtfoto's had kunnen afleiden dat de intekening onjuist was.
Het College oordeelt dat appellante niet vrijgesteld is van de vergroeningsvoorwaarde omdat niet op 100% van het bouwland een ander gewas is geteeld dan het voorgaande jaar. De foutieve intekening in 2015 is aan appellante te wijten. Appellante voldoet niet aan de eisen van gewasdiversificatie omdat tulpen meer dan 75% van het bouwland beslaan. De verlaging van de vergroeningsbetaling is daarom terecht.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de verlaging van de vergroeningsbetaling blijft gehandhaafd.