ECLI:NL:CBB:2019:337
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vaststelling fosfaatrecht op grond van knelgevallenregeling Meststoffenwet
Appellant voerde bezwaar aan tegen de vaststelling van zijn fosfaatrecht op grond van de Meststoffenwet, waarbij hij stelde dat vanwege paratuberculose zijn bedrijf op 2 juli 2015 minder dieren telde dan zonder de ziekte. Hij verzocht rekening te houden met het hypothetische hogere aantal dieren voor de berekening.
Verweerder stelde dat de knelgevallenregeling niet bedoeld is om niet gerealiseerde groei te compenseren en hield vast aan de feitelijke dierenaantallen op 2 juli 2015. Het College bevestigde deze uitleg en verwees naar eerdere uitspraken waarin werd benadrukt dat alleen de situatie op 2 juli 2015 relevant is, niet toekomstige uitbreidingen.
Verder erkende verweerder een fout in het excretieforfait, wat leidde tot een te laag vastgesteld fosfaatrecht. Het College vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, stelt het fosfaatrecht vast op 3.136 kg en draagt verweerder op het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het fosfaatrecht van appellant wordt vastgesteld op 3.136 kilogram en het bestreden besluit wordt vernietigd.