Dümmen Orange B.V. maakte bezwaar tegen besluiten van de minister van Economische Zaken en Klimaat die S&O-verklaringen voor de jaren 2016, 2017 en 2019 weigerden voor uitgaven aan Genetwister Technologies B.V. en Wageningen University & Research (WUR). De uitgaven betroffen werkzaamheden voor het verkrijgen van DNA markers die worden gebruikt bij de veredeling van plantenrassen.
De kern van het geschil was of de aan Genetwister en WUR betaalde bedragen kwalificeren als uitgaven voor de aanschaf van nieuw vervaardigde bedrijfsmiddelen (DNA markers) waarvoor een S&O-verklaring kan worden verstrekt, of als kosten voor uitbesteed onderzoek waarvoor geen S&O-verklaring wordt verstrekt. Het College oordeelde dat de overeenkomsten met Genetwister en WUR onderzoeksopdrachten betreffen en niet koopovereenkomsten voor een gegarandeerd eindproduct.
Het beroep in zaak 19/148 werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het was ingesteld door de dochtervennootschap tegen een besluit gericht aan de moedervennootschap zonder dat bezwaar was gemaakt. De beroepen in zaken 19/150 en 19/1516 werden ongegrond verklaard omdat de uitgaven als kosten voor uitbesteed onderzoek moeten worden aangemerkt, waarvoor op grond van artikel 23b van de Wva geen S&O-verklaring kan worden verstrekt.