ECLI:NL:CBB:2020:150
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen randvoorwaardenkorting voor niet-emissiearme mestaanwending
Appellant kreeg een randvoorwaardenkorting van 20% opgelegd omdat hij volgens verweerder dierlijke mest op niet-emissiearme wijze had uitgereden op bouwland in 2017. Deze sanctie was gebaseerd op een inspectieverslag en foto's van een controle door de NVWA.
Appellant betwistte de conclusie dat de mest niet emissiearm was aangewend en voerde aan dat uit de foto's blijkt dat de mest wel degelijk in sleufjes in de grond was gebracht. Het College constateerde dat het inspectieverslag algemeen was geformuleerd en niet voorzien van een nadere motivering. De foto's boden onvoldoende detail om de overtreding te onderbouwen.
Het College oordeelde dat verweerder onvoldoende feitelijke grondslag had voor het opleggen van de randvoorwaardenkorting en vernietigde het bestreden besluit. Tevens werd het primaire besluit herroepen wegens onzorgvuldige besluitvorming. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
De uitspraak benadrukt het belang van voldoende en concrete bewijsvoering bij het opleggen van sancties op grond van emissievoorschriften en bevestigt dat een inspectieverslag en foto's zonder nadere onderbouwing niet toereikend zijn.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de randvoorwaardenkorting van 20% wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs.