ECLI:NL:CBB:2020:269
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op knelgevallenregeling fosfaatrecht wegens niet-representatieve peildatum
Appellante exploiteert een melkveehouderij en heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarbij het fosfaatrecht is vastgesteld op basis van de dierenaantallen op 2 juli 2015. Appellante stelde dat vanwege de arbeidsongeschiktheid van een vennoot de dieraantallen op die datum niet representatief waren en dat de knelgevallenregeling toegepast moest worden om de niet-gerealiseerde groei te compenseren.
De minister wees het bezwaar af omdat volgens de wet en eerdere uitspraken van het College geen rekening wordt gehouden met uitbreidingsplannen die op de peildatum nog niet gerealiseerd waren. De minister stelde dat het fosfaatrecht op 2 juli 2015 hoger was dan op de alternatieve peildata die appellante aanvoerde.
Het College bevestigde deze uitleg en oordeelde dat het beroep ongegrond is omdat de knelgevallenregeling niet bedoeld is om toekomstige groei te compenseren. Appellante heeft de stelling van de minister niet betwist. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep op de knelgevallenregeling wordt ongegrond verklaard omdat de niet-gerealiseerde groei niet in aanmerking wordt genomen.