ECLI:NL:CBB:2021:1017
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens te late indiening bezwaarschrift betalingsrechten en vergroeningsbetaling
Appellant diende een bezwaarschrift in tegen de beslissing op zijn aanvraag voor uitbetaling van betalingsrechten en vergroeningsbetaling over 2020. Dit bezwaarschrift werd te laat ingediend, namelijk op 8 februari 2020 terwijl de termijn eindigde op 2 februari 2020.
Appellant voerde aan dat een ernstig verkeersongeval en quarantaine in België hem verhinderden tijdig bezwaar te maken. Ook stelde hij dat het bestreden besluit in strijd was met het EVRM en het Handvest van de Grondrechten van de EU. Het College oordeelde echter dat appellant geen concrete gevolgen van deze omstandigheden had aangetoond die het verzuim konden rechtvaardigen. De algemene klachten over rug- en hoofdpijn en het ontbreken van toegang tot administratie werden onvoldoende bevonden.
Verder overwoog het College dat appellant ook zonder toegang tot het digitale dossier pro forma bezwaar had kunnen indienen. Het beroep op evenredigheid werd verworpen omdat dit niet relevant is bij toepassing van artikel 6:11 Awb Pro. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van het bezwaarschrift zonder verschoonbare omstandigheden.