Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 februari 2021 in de zaak tussen
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Inleiding
Feiten
Op 3 april 2013 heeft appellante 4.72.48 hectare grond aangekocht voor een bedrag van € 295.525,-. In juni 2013 is met de bouw van de nieuwe ligboxenstal gestart en in januari 2014 is de stal opgeleverd. De bouw van de stal, inclusief installatiewerk, stalinrichting en de aanschaf van een melktank en vier melkrobots, heeft appellante ongeveer € 1.800.000,- gekost. Appellante is op 8 mei 2013 een lening aangegaan bij de [naam 4] bank voor € 2.000.000,-. Verder is de rekening-courant verhoogd van € 250.000,- naar € 500.000,-.
De veestapel van appellante was op 2 juli 2015 nog niet op het met de investeringen beoogde peil.