ECLI:NL:CBB:2021:354
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vaststelling fosfaatrecht op melkveebedrijf afgewezen wegens ontbreken individuele en buitensporige last
Appellante exploiteert een melkveebedrijf en voerde beroep aan tegen het besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarbij het fosfaatrecht op haar bedrijf werd vastgesteld. Zij stelde dat het fosfaatrechtenstelsel een individuele en buitensporige last op haar legde, mede vanwege investeringen en bedrijfsuitbreiding.
Het College oordeelde dat verweerder het fosfaatrecht correct had vastgesteld op basis van het aantal dieren op de peildatum en dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het stelsel haar buitensporig zou belasten. Ondernemersbeslissingen zoals investeringen en uitbreiding worden als risico van de ondernemer beschouwd en kunnen niet zonder meer leiden tot een individuele last.
Verder concludeerde het College dat het bestreden besluit zorgvuldig was voorbereid en gemotiveerd, ondanks dat niet alle stukken die appellante in een andere procedure had ingediend, waren betrokken. De belangen van milieu- en volksgezondheid en de naleving van de Nitraatrichtlijn wegen zwaarder dan de door appellante gestelde belangen.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het vastgestelde fosfaatrecht blijft ongewijzigd.