ECLI:NL:CBB:2021:686
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken beroepsgronden in zaak Meststoffenwet
Appellante, een BV, had beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Overijssel die haar beroep ongegrond had verklaard in een zaak betreffende de Meststoffenwet. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft het hoger beroep behandeld zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De gemachtigde van appellante werd bij aangetekende brief verzocht binnen vier weken beroepsgronden in te dienen, met de waarschuwing dat het uitblijven daarvan tot niet-ontvankelijkverklaring zou leiden. Deze brief werd op 4 maart 2021 bezorgd, maar appellante heeft geen beroepsgronden ingediend.
Het College concludeert dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het beroep wordt dan ook niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden.