ECLI:NL:CBB:2021:856
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.L. van der Beek
- H.S.J. Albers
- T. Pavićević
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zorgplicht Staatsbosbeheer voor grote grazers in de Oostvaardersplassen
De zaak betreft een handhavingsverzoek van Stichting Welzijn Grote Grazers tegen Staatsbosbeheer vanwege beweiding van grote grazers in de Oostvaardersplassen. Appellante stelde dat de vegetatie onvoldoende voedsel biedt, waardoor de zorgplicht uit de Wet dieren wordt geschonden. Verweerder en Staatsbosbeheer stelden dat de zorgplicht op een andere wijze wordt ingevuld dan in de reguliere veehouderij, mede door bijvoeren en beheer.
Na inspecties door de NVWA en rapportages van deskundigen concludeerde het College dat Staatsbosbeheer voldoende voedsel, water en schuilmogelijkheden biedt en dat de dieren in goede conditie verkeren. Het College oordeelde dat het beweidingsverbod uit het Besluit houders van dieren niet van toepassing is op de grote grazers in dit natuurgebied.
Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard. Het College vond geen aanwijzingen dat de gezondheid of het welzijn van de dieren wordt benadeeld, ook niet gelet op de omstandigheden in het natuurgebied en het beheerbeleid. De motivering van het bestreden besluit voldeed en het onderzoek was zorgvuldig uitgevoerd.
De uitspraak bevestigt dat bij grote grazers in natuurgebieden een breder welzijnsbegrip geldt en dat de zorgplicht anders wordt ingevuld dan bij gehouden dieren. Het beleid van Staatsbosbeheer, inclusief het bijvoeren bij lage conditiescores, voldoet aan de wettelijke eisen.
Uitkomst: Het beroep van Stichting Welzijn Grote Grazers wordt ongegrond verklaard en het besluit dat Staatsbosbeheer voldoet aan de zorgplicht wordt bevestigd.